In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam vernietigd en een aangepaste bewezenverklaring vastgesteld. De verdachte werd bewezen dat hij tussen augustus 2016 en november 2017 deelnam aan een criminele organisatie die professioneel vuurwerk zonder vergunning importeerde, opsloeg en verkocht.
De verdachte legde een bekennende verklaring af, die samen met het proces-verbaal van bevindingen als bewijs diende. Het hof oordeelde dat de strafbaarheid van het bewezenverklaarde vaststond en dat de verdachte strafbaar was. De rechtbank had eerder een gevangenisstraf van achttien maanden opgelegd, waarvan zes maanden voorwaardelijk.
Het hof hield rekening met de ernst van het feit, de leidende rol van de verdachte, het gevaar van het vuurwerk en zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder het tijdsverloop sinds het delict en zijn positieve proceshouding. Daarom legde het hof een taakstraf van 240 uren en een geldboete van €25.000 op, met verbeurdverklaring van de inbeslaggenomen Audi. De voorwaardelijke gevangenisstraf werd achterwege gelaten vanwege de ouderdom van het feit.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn was overschreden, wat leidde tot een vermindering van de geldboete met €5.000. Diverse in beslag genomen geldbedragen werden aan de verdachte teruggegeven omdat geen verband met het strafbare feit kon worden vastgesteld.