ECLI:NL:GHAMS:2025:2825
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie en biologisch vaderschap met wijziging draagkracht
Deze zaak betreft het hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam waarin de man werd verplicht kinderalimentatie te betalen voor twee kinderen. De man betwistte zijn biologische vaderschap van het jongste kind en stelde een lagere alimentatie voor. De vrouw verzocht een hogere bijdrage vanwege haar gewijzigde omstandigheden.
Het hof oordeelde dat de vrouw voldoende aannemelijk had gemaakt dat de man de biologische vader is van het jongste kind, mede op basis van inschrijving in de Basisregistratie Personen, de naamgeving van het kind en verklaringen tijdens mediation. De man verscheen niet op de zitting en weigerde DNA-onderzoek, waardoor het hof het vaderschap aannam.
De ingangsdatum van de alimentatie werd bevestigd op 22 december 2023, de datum van het inleidend verzoek. Voor de periode tot 29 april 2024 bleef het bedrag van €150 per kind gehandhaafd. Vanaf 29 april 2024 werd de alimentatie verhoogd naar €173 per kind per maand, gebaseerd op de door de man overgelegde loonstroken en draagkrachtberekening.
Het hof wees een eventuele terugbetalingsverplichting af en compenseerde de proceskosten in hoger beroep, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt. De beschikking van de rechtbank werd grotendeels bekrachtigd en deels gewijzigd conform de draagkracht van de man.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vaderschap en stelt de alimentatie vast op €150 per kind vanaf 22 december 2023 en verhoogt deze naar €173 per kind per maand vanaf 29 april 2024.