Meta Platforms Ireland Ltd. is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de voorzieningenrechter dat Meta verplichtte om binnen twee weken aanpassingen door te voeren in de aanbevelingssystemen van Facebook en Instagram. Deze aanpassingen betreffen het persistent maken van gebruikerskeuzes voor niet-geprofileerde aanbevelingssystemen en het gemakkelijk toegankelijk maken van deze keuze op diverse platformonderdelen.
Meta verzocht het hof om de uitvoerbaarheid bij voorraad van dit vonnis te schorsen tot en met 31 januari 2026, omdat de technische aanpassingen complex zijn en onderworpen aan privacy- en veiligheidsregels, testprocedures en goedkeuringsprocessen van derden. Bits of Freedom, de tegenpartij, verzet zich tegen deze schorsing vanwege het belang van bescherming van het grondrecht op informatievrijheid, vooral in de context van de naderende Tweede Kamerverkiezingen.
Het hof oordeelt dat de voorzieningenrechter de uitvoerbaarheid bij voorraad onvoldoende heeft gemotiveerd en dat een belangenafweging noodzakelijk is. Hoewel Meta stelt dat het vonnis berust op een kennelijke misslag, is dit niet aannemelijk gebleken. Het hof weegt het belang van Meta om voldoende tijd te krijgen voor de aanpassingen zwaarder dan het belang van Bits of Freedom bij onmiddellijke tenuitvoerlegging, mede vanwege de complexiteit en risico’s van een snellere tijdelijke oplossing.
Het hof schorst daarom de tenuitvoerlegging van het vonnis tot en met 31 december 2025 en wijst de zaak toe voor verdere behandeling. Tevens wordt een mondelinge behandeling gelast op 26 januari 2026. De dwangsom die verbonden is aan het niet voldoen aan het vonnis blijft vanaf 1 januari 2026 onverkort van kracht.