ECLI:NL:GHAMS:2025:3434
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid OM in ontnemingsvordering wegens vrijspraak verdachte
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 18 december 2025 het hoger beroep van het Openbaar Ministerie behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 18 juli 2022. In eerste aanleg was de verdachte vrijgesproken van de feiten die relevant zijn voor de ontnemingsvordering en werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter waarde van € 2.630,54.
Het Openbaar Ministerie stelde hoger beroep in tegen zowel de vrijspraak als de niet-ontvankelijkheid. Na meerdere zittingen in november en december 2025 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bevestigd. Het hof oordeelde dat de vrijspraak van de verdachte de grondslag voor de ontnemingsvordering ontbrak, waardoor het Openbaar Ministerie terecht niet-ontvankelijk werd verklaard.
De beslissing van het hof betekent dat de vordering tot ontneming niet wordt toegewezen en dat de verdachte niet hoeft te betalen. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 18 december 2025.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in de ontnemingsvordering en handhaaft de vrijspraak van de verdachte.