Vervolgens dient de vraag te worden beantwoord of het instellen van een Nederlands bewind en/of een Nederlands mentorschap onder de gegeven omstandigheden de meest geëigende maatregel is.
Met betrekking tot de vermogensrechtelijke belangen in Nederland is gebleken dat die op dit moment weinig tot geen aandacht meer vergen. [kind 1] heeft geen inkomsten in Nederland, zijn toeslagen zijn stopgezet, het PGB is afgehandeld, en er loopt geen WLZ. Verder is niet gebleken dat [kind 1] naast een bankrekening bij de ING die de moeder voor hem heeft geopend, op dit moment nog andere vermogensbestanddelen in Nederland heeft die beheerd moeten worden. De vader heeft toegelicht hoe de financiering van school, huisvesting en het dagelijks leven van [kind 1] in de VS zijn geregeld. [kind 1] beschikt niet over een bankrekening met spaarsaldo (anders dan enkele honderden dollars). Er bestaat onvoldoende grond aan de juistheid van de gegeven toelichting te twijfelen. Hoewel vraagtekens kunnen worden gezet bij de wijze van totstandkoming van de door [kind 1] op 11 november 2024 ondertekende power of attorney, gaat het hof in deze procedure uit van de geldigheid ervan. Op grond van de Aanbevelingen Meerderjarigenbewind, Curatele en Mentorschap (randnummer B.A6) treedt de rechter terughoudend op met het uitspreken van curatele, bewind of mentorschap als betrokken in een levenstestament of volmacht hierover zelf regelingen heeft getroffen. De afgegeven power of attorney biedt de nodige waarborgen dat vermogensrechtelijke belangen van [kind 1] door anderen kunnen worden behartigd voor zover hij daartoe zelf niet in staat is.
Het hof constateert verder dat het er op lijkt dat overigens voor [kind 1] voldoende is geregeld in de VS. Volgens zijn eigen advocaat gaat het goed met [kind 1] . Sinds januari 2025 gaat hij vijf dagen per week naar [school] , waar hij met de schoolbus naartoe gaat. Zijn vader regelt zijn financiële zaken. [kind 1] woont zelfstandig in [plaats] . Hij ontvangt een “social security”-uitkering, een vergoeding voor zijn wekelijkse boodschappen en een subsidie voor de woonkosten en hij heeft een zorgverzekering. Vier keer in de week komt er een “caretaker” langs en één keer per week iemand van de gemeente. De jeugdbescherming in de VS en de school hebben geen zorgen over [kind 1] . Het beeld dat het hof heeft van de situatie waarin [kind 1] verkeert, is niet van dien aard dat een Nederlandse bewindvoering en/of mentorschap noodzakelijk geacht worden. Hoewel het hof ziet dat er ook kwetsbaarheden bestaan, is het verder aan de Amerikaanse instanties en de school om te signaleren en om in te grijpen, mocht dat nodig zijn.
Het hof onderschrijft hetgeen de kantonrechter heeft overwogen over de effectiviteit en uitvoerbaarheid van een in Nederland uitgesproken bewind en mentorschap in [plaats] . In dit verband is van belang dat [kind 1] , een Amerikaan die in de Verenigde Staten woont, daar naar school gaat, en daar zijn sociale leven heeft, naar verwachting ook de komende jaren nog in de Verenigde Staten zal blijven wonen.
Het hof begrijpt de zorgen van de moeder dat zij geen contact heeft met [kind 1] en geen zicht heeft op zijn welzijn. Echter is een Nederlandse beschermingsmaatregel niet bedoeld om contact tussen de moeder en [kind 1] weer mogelijk te maken. Het hof zal daarom de bestreden beschikking bekrachtigen.