ECLI:NL:GHAMS:2025:577
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- M.T. Hoogland
- C.J. Buitendijk
- M.E. Burger
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige ondanks bezwaar moeder
De zaak betreft de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige, waarbij de moeder in hoger beroep ging tegen de beschikking van de kinderrechter die de ondertoezichtstelling verlengde tot 24 mei 2025. De moeder betoogde dat de ontwikkelingsbedreiging niet meer aanwezig is en dat zij voldoende meewerkt aan hulpverlening, die ook beter in een vrijwillig kader kan plaatsvinden. De gecertificeerde instelling (GI) en de Raad voor de Kinderbescherming onderschreven echter het belang van verlenging vanwege de ernstige ontwikkelingsbedreiging van de minderjarige, onder meer door het ontbreken van contact met de vader en de verstoorde ouderrelatie.
Het hof nam kennis van diverse rapporten, waaronder het eindverslag van Kort en Krachtig, dat een emotionele blokkade en sociaal-emotionele zorgen bij de minderjarige constateert. Het advies omvatte een gezamenlijke IGT-K therapie voor moeder en kind en daaropvolgende speltherapie. Hoewel de moeder weinig vertrouwen heeft in de GI en de samenwerking moeizaam is, achtte het hof het noodzakelijk dat de hulpverlening in een gedwongen kader doorgaat om stagnatie te voorkomen.
Het hof verwierp het verzoek van de moeder om de ondertoezichtstelling te beëindigen of te beperken in duur. Het benadrukte dat de geadviseerde hulpverlening zo spoedig mogelijk moet starten en worden afgerond, en dat een vrijwillig kader onvoldoende garanties biedt. Het hof gaf aan dat bij een volgende verlenging zal worden beoordeeld of voortzetting nog noodzakelijk is, mits de hulpverlening goed verloopt en de moeder meewerkt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling tot 24 mei 2025 en wijst het hoger beroep van de moeder af.