Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
- dat het hof constateert dat bij de berechting van de zaak in hoger beroep de redelijke termijn, die ingevolgde artikel 6, eerste lid, van het EVRM in acht moet worden genomen, is overschreden. Namens de verdachte is op 20 juni 2022 hoger beroep ingesteld en het hof wijst op 13 maart 2025 arrest. Daarmee is sprake van een overschrijding van de redelijke termijn van ruim acht maanden. Gelet op de hoogte van de opgelegde straf en de mate van overschrijding volstaat het hof met de enkele constatering dat de redelijke termijn is overschreden en verbindt het aan deze overschrijding geen gevolgen;
- dat de niet uitgewerkte bewijsmiddelen alsnog zullen worden uitgewerkt indien cassatie wordt ingesteld.