Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
- de minderjarige [minderjarige 1] (hierna: [minderjarige 1] );
- de minderjarige [minderjarige 2] (hierna: [minderjarige 2] ).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft het hoger beroep van de man tegen de echtscheidingsbeschikking en alimentatiebeslissingen van de rechtbank Amsterdam. De rechtbank had op 19 juli 2024 de echtscheiding uitgesproken en alimentatie vastgesteld. De man betoogde dat Marokkaans recht van toepassing is en verzocht om vernietiging van de echtscheiding en lagere alimentatie.
Het hof oordeelt dat hoger beroep tegen een door de appellant zelf verzochte echtscheiding niet mogelijk is en verklaart de man niet-ontvankelijk. Ook is niet voldaan aan de voorwaarden voor toepassing van Marokkaans recht. Het verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarheid van de beschikking wordt afgewezen na belangenafweging, waarbij het financiële belang van de vrouw en kinderen zwaarder weegt dan dat van de man.
Het verzoek tot voorlopige voorziening voor lagere alimentatie wordt eveneens afgewezen omdat geen sprake is van gewijzigde omstandigheden of kennelijke misslag. De man moet de door de rechtbank vastgestelde alimentatiebedragen blijven betalen gedurende de procedure. De beslissing is gegeven door het Gerechtshof Amsterdam op 14 januari 2025.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de echtscheiding en zijn verzoeken tot schorsing en voorlopige voorziening zijn afgewezen; hij moet de alimentatie blijven betalen.