Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[verzoekers 1] ,
[verzoekers 2],
[verzoekers 3]
1.[belanghebbende 2] .,
2.[belanghebbende] ,
3.[belanghebbende 4] ,
4.[belanghebbende 1] ,
5.[belanghebbende 3] ,
[belanghebbende 5],
1.De zaak in het kort
2.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
- verweerschrift [belanghebbende 2] met producties 32 tot en met 34;
- verweerschrift [belanghebbende 1] ;
- verweerschrift in incidenteel hoger beroep van [verzoeksters] ;
- verweerschrift in incidenteel hoger beroep van [belanghebbende 2] ;
- aanvullende producties 10 tot en met 12 van [verzoeksters] ;
- verzoek tot het treffen van voorlopige voorzieningen van [verzoeksters] , met productie B;
- aanvullende producties C en D van [verweerster 1] en [belanghebbende 4] .
3.Feiten
het verzekeren van de continuïteit in het bestuur en het beleid en ondernemerschap van (…) [belanghebbende 2] , waarbij in redelijkheid rekening zal worden gehouden met de belangen van certificaten van aandelen in de vennootschap en eventuele vruchtgebruikers van deze certificaten.”
governancevan [verzoekers 3] besproken (hierna: de Uitgangspunten). Die aanpassing zou moeten worden vormgegeven door een wijziging van de statuten van [verzoekers 3] , met name op het punt van de samenstelling en benoeming van het bestuur. Een door de voorzitter van de Ondernemingskamer opgesteld document waarin de Uitgangspunten zijn verwoord, vermeldt onder meer dat alle betrokkenen het erover eens zijn dat indien de wijziging van de statuten wordt doorgevoerd, er vervolgens op zo kort mogelijke termijn een nieuw bestuur van [verzoekers 3] benoemd moet worden. Partijen zijn er niet in geslaagd uitvoering aan de Uitgangspunten te geven; een nieuw bestuur van [verzoekers 3] is nog steeds niet benoemd.
met dien verstande dat ten minste één bestuurderC
vóór het betrokken voorstel heeft gestemd” niet voor. Dit zinsdeel is in de versie van 13 september 2024 toegevoegd, na het besluit daartoe in de bestuursvergadering van dezelfde datum.
4.Eerste Aanleg
5.Beoordeling
zij het dat ook in een tweede vergadering van certificaathouders unanimiteit van de aanwezige certificaathouders vereist is”. Dit verzoek is in eerste aanleg afgewezen.
waarin in elk geval de oprichters, indien bestuurders, dan wel de enige nog in functie zijnde oprichter-bestuurder, aanwezig of vertegenwoordigd dienen/dient te zijn”,met een twee/derde meerderheid van de uitgebrachte stemmen de bedoelde besluiten konden worden genomen, “
mits de ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde oprichter(s)-bestuurder(s) vóór het betrokken voorstel heeft/hebben gestemd”. Aan de heren [belanghebbende] en [belanghebbende 4] sr. als oprichters (tevens certificaathouders) werd daarmee, zolang zij als bestuurders in functie zouden zijn, feitelijk een vetorecht toegekend. Op 7 februari 2017 zijn de statuten van [verzoekers 3] gewijzigd, waarbij artikel 13 lid 9 is Pro aangepast naar de tekst zoals in 3.7 en 3.8 bij de feiten is opgenomen. [verzoeksters] hebben onbetwist aangevoerd dat de heer [belanghebbende 4] sr. bij deze wijziging betrokken was. Bij deze wijziging is het vereiste dat in de tweede vergadering, indien nog in functie, de oprichter(s)-bestuurder(s) aanwezig moest(en) zijn en het vereiste dat zij in die tweede vergadering vóór moesten stemmen komen te vervallen en daarmee ook hun feitelijk vetorecht. Verder is het artikel gelijk gebleven. Hieruit volgt dat vanaf 2002 steeds was voorzien in de mogelijkheid dat zou worden besloten tot decertificering, waarbij in de tweede vergadering kon worden besloten bij twee/derde meerderheid en het vereiste van instemming van beide oprichters (tevens certificaathouders) en daarmee hun feitelijk vetorecht, alleen gold zolang zij nog als bestuurder van [verzoekers 3] in functie waren, waarbij steeds heeft gegolden dat na 1 januari 2022 een dergelijk besluit ook door de vergadering van certificaathouders kon worden genomen. Kortom: van meet af aan is voorzien in de mogelijkheid dat – op termijn – ook zonder unanimiteit onder de certificaathouders, in een tweede vergadering tot decertificering kon worden besloten.