ECLI:NL:GHAMS:2026:1172
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt berisping gerechtsdeurwaarder wegens te late betekening ontruimingsvonnis
In deze tuchtprocedure klaagt klager over het te laat betekenen van een ontruimingsvonnis door de gerechtsdeurwaarder, waardoor de huurder twee maanden langer in de woning kon blijven. Daarnaast wordt geklaagd over het niet tijdig doen van een melding vroegsignalering bij de gemeente.
De feiten betreffen een huurachterstand vanaf februari 2024 en een kortgedingprocedure die leidde tot een vonnis van 19 juni 2024, waarbij ontruiming binnen twee maanden na betekening werd gevorderd. De gerechtsdeurwaarder betekende het vonnis echter pas op 14 augustus 2024. Over de melding vroegsignalering ontstond discussie over de datum en wijze van melding.
De kamer verklaarde de klacht over de late betekening gegrond en die over de vroegsignalering ongegrond. Het hof bevestigt deze beoordeling en verklaart nieuwe klachten in hoger beroep niet-ontvankelijk. De gerechtsdeurwaarder krijgt een berisping opgelegd en moet het betaalde griffierecht vergoeden. Er is geen proceskostenveroordeling in hoger beroep.
Uitkomst: De gerechtsdeurwaarder wordt berispt wegens te late betekening van het ontruimingsvonnis en moet het griffierecht vergoeden.