ECLI:NL:GHAMS:2026:1590
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gezamenlijk gezag en vaststelling omgangsregeling voor minderjarige kinderen
De zaak betreft het gezag over twee minderjarige kinderen en de omgang met hun vader. De rechtbank had het gezamenlijk gezag aan beide ouders toegekend en een zorgregeling vastgesteld, maar de moeder was het hier niet mee eens vanwege ernstige communicatieproblemen en een mishandelingsincident door de vader in het bijzijn van de kinderen.
In hoger beroep heeft het hof het verzoek van de vader tot gezamenlijk gezag afgewezen. Het hof oordeelde dat de communicatie tussen de ouders ernstig verstoord is en dat het gezamenlijk gezag een onaanvaardbaar risico inhoudt dat de kinderen klem of verloren raken. Ook de gezondheidsproblemen van een van de kinderen en de noodzaak van eenduidige besluitvorming speelden een rol.
Ten aanzien van de omgangsregeling stelde het hof vast dat omgang niet in strijd is met de belangen van de kinderen. Het hof bepaalde een omgangsregeling waarbij de kinderen drie zondagen per maand bij de vader verblijven, met overdracht via een stichting, om rust en stabiliteit te waarborgen.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd voor zover het gezag betreft, en het verzoek van de vader tot gezamenlijk gezag werd afgewezen. De omgangsregeling werd aangepast conform het verzoek van de vader en de belangen van de kinderen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag af en stelt een omgangsregeling vast waarbij de kinderen drie zondagen per maand bij de vader verblijven.