Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Het geding in hoger beroep
in houseis en dat het verweerschrift in grote lijnen overeenkomt met het in de procedure bij de kantonrechter gevoerde verweer, geven geen aanleiding om de proceskosten te matigen, te compenseren of op nihil te stellen. De gemeente heeft daadwerkelijk kosten – in de vorm van het betalen van griffierecht en ter zake van het opstellen van een verweerschrift – moeten maken. Bovendien heeft de gemeente haar verweer aangevuld, althans heeft zij volgens de advocaat van [appellant] in verband daarmee aangifte van valsheid in geschrift gedaan. De omstandigheden dat [appellant] nog geen nieuwe baan heeft en geen aanspraak kan maken op een WW-uitkering geven evenmin aanleiding tot matiging, compensatie of nihilstelling van de proceskosten. Van nodeloos gemaakte kosten door de gemeente (de uitzonderingssituatie uit artikel 237 lid 1 Rv Pro) is derhalve geen sprake. Overigens worden de proceskosten in hoger beroep vastgesteld conform het toepasselijke liquidatietarief dat over het algemeen de daadwerkelijk gemaakte kosten al niet dekt. Het verzoek van de gemeente [appellant] tevens te veroordelen in de kosten van de procedure in eerste aanleg, wordt daarentegen afgewezen aangezien dit - blijkens de bestreden beschikking - al is geschied.