ECLI:NL:GHAMS:2026:1778

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
26 juni 2026
Publicatiedatum
3 juli 2026
Zaaknummer
23-002002-25
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8 lid 5 Wegenverkeerswet 1994Art. 107 lid 1 Wegenverkeerswet 1994Art. 9 Wetboek van StrafrechtArt. 14a Wetboek van StrafrechtArt. 14b Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens overtreding Wegenverkeerswet met taakstraf en voorwaardelijke ontzegging rijbevoegdheid

Op 24 december 2022 pleegde de verdachte te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, twee feiten: overtreding van artikel 8, vijfde lid, en overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld door de politierechter in de rechtbank Noord-Holland op 26 augustus 2025.

Het hoger beroep werd ingesteld tegen dit vonnis en behandeld door het gerechtshof Amsterdam. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. Het onder 2 bewezenverklaarde feit (artikel 107, eerste lid) werd wel strafbaar verklaard, maar er werd geen straf of maatregel opgelegd.

Voor het onder 1 bewezenverklaarde feit (artikel 8, vijfde lid) veroordeelde het hof de verdachte tot een taakstraf van 30 uur, subsidiair 15 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 9 maanden met een proeftijd van 1 jaar. De ontzegging wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij de verdachte binnen de proeftijd een nieuw strafbaar feit pleegt.

De uitspraak werd gedaan op 26 juni 2026 door mr. L.F. Roseval, in aanwezigheid van mr. N.M. Simons, griffier.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot taakstraf van 30 uur, 15 dagen hechtenis subsidiair en voorwaardelijke ontzegging rijbevoegdheid van 9 maanden met proeftijd van 1 jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-048696-23
parketnummer hoger beroep : 23-002002-25
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 26 juni 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van
26 augustus 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [naam 1]
voornamen: [naam 2]
geboren: op [geboortedag] 1989 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd
feit 1:
op 24 december 2022 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer;
feit 2:
op 24 december 2022 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 107, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Verklaart het onder 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Bepaalt dat ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde geen straf of maatregel wordt opgelegd.
Veroordeelt de verdachte ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde tot een
taakstrafvoor de duur van
30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
15 (vijftien) dagen hechtenis.
Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
9 (negen) maanden.
Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
1 (één) jaaraan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gewezen door mr. L.F. Roseval, in bijzijn van mr. N.M. Simons, griffier.
mr. L.F. Roseval