ECLI:NL:GHAMS:2026:1849
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontbinding huwelijk en zorgregeling met wijziging hoofdverblijfplaats en kinderalimentatie
De zaak betreft het hoger beroep van de vader tegen de ontbinding van het huwelijk met de moeder, de zorgregeling, hoofdverblijfplaats van de kinderen en kinderalimentatie. De rechtbank had de ontbinding uitgesproken, de hoofdverblijfplaats bij de moeder vastgesteld, een zorgregeling conform het ouderschapsplan bepaald en kinderalimentatie opgelegd.
De vader betwistte de ontbinding aanvankelijk, maar erkende later dat het huwelijk duurzaam ontwricht is. Hij stelde dat hij de primaire verzorgende ouder is en verzocht om wijziging van de hoofdverblijfplaats en zorgregeling, evenals afwijzing van de alimentatieplicht. De moeder handhaafde de bestaande afspraken en betwistte de opvoedvaardigheden van de vader.
Het hof oordeelde dat de zorgregeling moest worden aangepast vanwege de feitelijke situatie waarin de vader substantieel bij de verzorging betrokken is. De hoofdverblijfplaats werd verdeeld: de oudste bij de vader, de jongste bij de moeder. De kinderalimentatie werd vastgesteld op €50 per maand vanaf 6 augustus 2025, maar met ingang van 7 juli 2026 op nihil vanwege een zorgkorting van 35% bij een co-ouderschapsregeling. Het verzoek tot schorsing van de beschikking werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van het huwelijk, wijzigt de zorgregeling en hoofdverblijfplaats en stelt de kinderalimentatie vast op nihil met ingang van 7 juli 2026.