Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
4.Eerste aanleg
5.Beoordeling
De finale kwijting zoals geformuleerd en door partijen getekend in de vaststellingsovereenkomst per 07.03.’21, geldt tot het moment van tekening en dus de hiervoor genoemde datum.Het betreft de totale opstelling zoals toen vanuit [de vrouw] voorlag (bijlage 05) en uit en te na met de gemandateerden is besproken.” Als bijlage 5 is de onderbouwing van de vorderingen van de vrouw gevoegd zoals die door haar als bijlage 3 bij haar opzeggingsbrief d.d. 14 oktober 2020 was gevoegd. De vrouw heeft in het kader van de uitleg van de vaststellingsovereenkomst bovendien gewezen op haar e-mail van 7 maart 2021 aan de gemandateerden. Deze e-mail dateert dus van kort vóór het opstellen en ondertekenen van de vaststellingsovereenkomst. In deze e-mail schrijft de vrouw onder meer (onderstrepingen en dikgedrukte passages in oorspronkelijke tekst):
Beste [naam 1] en [naam 2] ,
Inboedel / gezamenlijke goederen
VorderingenBijlage 3.
- Als de schulden voor de auto’s niet erkend worden, dan hebben de auto’s, als gezamenlijk eigendom, in deboedelscheidingmee te tellen.
nietdoor de vrouw genoemd. Deze komt wel terug op de inboedellijst die de vrouw als bijlage 2 bij haar opzeggingsbrief heeft gevoegd. Daar wordt deze als eigendom van de vrouw gekwalificeerd en wordt er geen bedrag/waarde aan gekoppeld. Dat is anders voor de BMW M5 en de BMW X5. Deze worden ook op de inboedellijst genoemd, maar worden door de vrouw als mede-eigendom gekwalificeerd. Daarbij heeft de vrouw ook de eerder genoemde waarden van deze auto’s genoemd (een bedrag van € 38.000,- respectievelijk € 4.000,-).
Verklaren te zijn overeengekomen als volgt:”. Ieder onderwerp wordt daarbij geïntroduceerd met vetgedrukte tekst, te weten: ‘
onroerende zaak’, ‘
inboedelgoederen’ en ‘
financiën’, waarna onder verschillende gedachtestreepjes de afspraken volgen die op dat onderdeel zijn gemaakt. Bij het onderwerp ‘inboedel’ is het volgende openomen (dikgedrukte passage in oorspronkelijke tekst):
-Inboedelgoederen: [de man] is in hoofdlijnen akkoord met de door [de vrouw] opgestelde de boedelbeschrijving en toekenningen, maar partijen zullen, gezien de korte termijn, nog nader in overleg treden om tot een meer complete en definitieve toekenning te komen.
Financiën’. Letterlijk is hierover in de vaststellingsovereenkomst opgenomen, voor zover in dit verband relevant (dikgedrukte passage in oorspronkelijke tekst):
Financiën’, terwijl in de vaststellingsovereenkomst de deelonderwerpen woning, roerende zaken en financiën duidelijk van elkaar zijn onderscheiden. Daarin zijn de auto’s niet onder de post ‘Financiën’ genoemd, maar onder de post ‘Roerende zaken en inboedelgoederen’ (zie rechtsoverweging 5.12 hiervoor). Daarnaast is van belang dat de vrouw direct voorafgaand aan het opmaken van de vaststellingsovereenkomst richting de gemandateerden nog duidelijk aanspraak maakte op vergoeding van haar aandeel in de waarde van de BMW M5 en BMW X5. Ook daarom mocht de man niet ervan uitgaan dat de vrouw redelijkerwijs moest begrijpen dat de finale kwijting ook op de financiële afwikkeling van deze beide auto’s betrekking had. Daaraan doet niet af dat partijen met de regeling in de vaststellingsovereenkomst een alomvattende regeling wilden treffen, zoals de man heeft gesteld. Dat partijen een alomvattende regeling wilden treffen, staat niet ter discussie. Waar het in dit geval echter om gaat, is wat die algehele regeling precies inhield. Tegenover de hiervoor genoemde feiten en omstandigheden, heeft de man onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld die tot de conclusie kunnen leiden dat de vrouw redelijkerwijs moest begrijpen dat de finale kwijting ook op nog niet betaalde bedragen voor de BMW M5 en BMW X5 betrekking had. Om die reden zal ook het bewijsaanbod van de man worden gepasseerd, waarbij bovendien niet duidelijk is of dat bewijsaanbod ook is gericht op de wijze van totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst en de uitleg daarvan. Verder heeft de man niet toegelicht wat de gemandateerden als getuigen zouden kunnen toevoegen aan hetgeen zij schriftelijk (mede daarover) reeds hebben verklaard.
Vorderingen
VorderingenBijlage 3.
9.995,50
Financiën’ het volgende opgenomen:
- Inkomsten belastingteruggaven en schulden worden als gezamenlijke schuld afgedaan.” (zie rechtsoverweging 5.19 hiervoor).
tot en methet jaar 2021 (en dus mogelijk ook over de jaren voor 2020 en 2021). Daarnaast is in de laatste zin van punt 4 opgenomen dat partijen in overleg zullen treden met de vertegenwoordiging van het accountantskantoor om in fiscale zin tot een correcte en adequate beëindiging van de samenlevingsovereenkomst te komen. Ook dit kan zo worden begrepen, dat er nog een afwikkeling over alle door de vrouw gestelde jaren moest komen.
“Over financiën gesproken: belastingen, auto’s en verkoopkosten (…) moeten we bij verkoop verrekenen.”Tegenover alle feiten en omstandigheden die de vrouw heeft aangevoerd, heeft de man onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld die tot de conclusie kunnen leiden dat de finale kwijting ook betrekking had op de belastingen vóór 2020. Om die reden zal ook zijn bewijsaanbod worden gepasseerd. Daarbij is bovendien niet duidelijk of dat bewijsaanbod ook is gericht op de wijze van totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst en de daarmee verband houdende uitleg daarvan. Voorts heeft de man niet toegelicht wat de gemandateerden als getuigen zouden kunnen toevoegen aan hetgeen zij schriftelijk reeds hebben verklaard.
Onroerende zaak’ het volgende opgenomen (dikgedrukte passage in oorspronkelijke tekst):
3. De relevante gezamenlijke vermogensbestanddelen in de zijnde:
€ 473.215
De totale aankoopkosten bedroegen € 1.450.000 inclusief stichtings- en hypotheek kosten”) en worden ook in de notariële volmacht expliciet benoemd als bedrag dat de vrouw ten laste van de verkoopopbrengst van de woning vergoed krijgt.
grief 3 van de man)
- Eventuele kosten verband houdend met het verkoop klaar maken van het woonhuis en onderhoud van de tuin zullen betaald worden door [de vrouw] op eerste verzoek van gemandateerden. Deze eventuele kosten maken onderdeel uit van de afrekening.”
afgifte(cursivering hof) van de schilderijen en de ring. De formulering van zijn vordering wekt de indruk dat de man meent dat hij eigenaar van deze zaken is. Anderzijds verwijst hij in de toelichting van zijn grief naar de werkzaamheden die de gemandateerden nog zouden verrichten, waaronder het tot stand brengen van een verdeling, hetgeen erop wijst dat hij van mening is dat de zaken nog niet zijn eigendom zijn.