ECLI:NL:GHAMS:2026:789
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige wegens onveilige opvoedomgeving
De zaak betreft de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een vierjarige minderjarige bij de moeder. De kinderrechter had deze machtiging verlengd tot 22 maart 2026 op verzoek van de gecertificeerde instelling (GI). De vader is tegen deze verlenging in hoger beroep gegaan en verzocht de machtiging af te wijzen.
De GI, de moeder en de Raad voor de Kinderbescherming steunden de verlenging. Het hof oordeelde dat de gronden voor verlenging ten tijde van de bestreden beschikking aanwezig waren en nog steeds aanwezig zijn. De onveilige opvoedomgeving wordt veroorzaakt door een instabiele en gewelddadige relatie tussen de ouders, waarbij de minderjarige getuige is geweest van meerdere geweldsincidenten.
De vader voerde aan dat de omgang met hem veilig en prettig verliep en dat er geen noodzaak was voor de maatregel. Het hof stelde echter vast dat de veiligheid van de minderjarige en de moeder niet gewaarborgd is door de controlerende en escalerende dynamiek tussen de ouders. Het hof benadrukte het belang van risicotaxatie en patrooninterventie bij de Waag om de situatie te verbeteren.
De machtiging tot uithuisplaatsing bij de moeder wordt daarom bekrachtigd. De veiligheid van de minderjarige en de moeder staat voorop, en de omgang met de vader kan pas hervat worden als de risico’s adequaat zijn ingeschat en aangepakt.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige bij de moeder wordt bekrachtigd vanwege de onveilige opvoedomgeving.