Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
4.Eerste aanleg
5.Beoordeling
ingestemdmet het niet betalen van de rente (nummer 2.10). Ook in eerste aanleg heeft [appellant] in zijn pleitnotities gezegd dat aan de stellingen van [geïntimeerde] dat de lening door de niet betaling van rente opeisbaar was voorbijgegaan kan worden omdat dit
niet was afgesprokenen dat [geïntimeerde] door bijschrijving van de rente daarin berust heeft (nummer 8). [appellant] creëert in zijn memorie van grieven verwarring doordat hij zijn eerste grief afsluit met een betoog dat [geïntimeerde] door tien jaar lang stil te zitten zijn recht heeft verwerkt. Het hof is echter van oordeel dat daarmee niet is bedoeld om in deze grief uitsluitend te klagen dat het beroep op rechtsverwerking niet is gehonoreerd en niet ook aan de orde te stellen Ten [geïntimeerde] een beroep doet op gerechtvaardigd vertrouwen dat in afwijking van de akte van geldlening de rente pas opeisbaar zou zijn bij verkoop van de Villa Tofu. [geïntimeerde] heeft dat blijkbaar ook zo gelezen, omdat zij in haar memorie van antwoord (nummer 2.10) op de stelling dat [geïntimeerde] zou hebben ingestemd met het niet betalen van de rente heeft gereageerd.