ECLI:NL:GHAMS:2026:939
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling minderjarige kinderen wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging
De zaak betreft de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen, [minderjarige 1] (13 jaar) en [minderjarige 2] (10 jaar), door de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Regio Amsterdam. De kinderrechter stelde de kinderen voor de duur van een jaar onder toezicht, tot 28 juli 2026. De moeder is tegen deze beslissing in hoger beroep gegaan en verzocht om afwijzing van het verzoek of beperking van de duur tot zes maanden.
De moeder betoogt dat er geen sprake is van een ontwikkelingsbedreiging en dat zij bereid is vrijwillige hulpverlening te accepteren. Zij wijst erop dat de problemen vooral voortkomen uit het gedrag van de vader. De raad en de vader wensen de ondertoezichtstelling in stand te houden vanwege de langdurige spanningen tussen de ouders, het ontbreken van constructieve communicatie en het negatieve contact tussen de kinderen en de vader.
Het hof stelt vast dat sinds de scheiding in 2017 de kinderen blootstaan aan langdurige conflicten en juridische procedures tussen de ouders, wat hun ontwikkeling ernstig bedreigt. Er is reeds veel hulpverlening ingezet zonder resultaat. De kinderen hebben langdurig geen contact met de vader, wat leidt tot vervreemding en spanningen. De vrijwillige hulpverlening is onvoldoende gebleken en het hof acht het gedwongen kader van ondertoezichtstelling noodzakelijk om de situatie te verbeteren.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de kinderrechter en adviseert om te onderzoeken of een andere gecertificeerde instelling de ondertoezichtstelling kan uitvoeren vanwege de verstoorde samenwerking tussen de vader en de huidige GI.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondertoezichtstelling van de kinderen voor de duur van een jaar wegens ernstige bedreiging van hun ontwikkeling.