ECLI:NL:GHARL:2013:6207

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
20 augustus 2013
Publicatiedatum
21 augustus 2013
Zaaknummer
200.093.262
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging arbitrale vonnis ontbindingsvergoeding Harkemase Boys tegen gedaagde

In deze civiele zaak in hoger beroep tussen Harkemase Boys en gedaagde heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het arbitrale vonnis van 28 juni 2011 vernietigd voor zover dit betrekking heeft op de ontbindingsvergoeding van € 15.000,- netto die Harkemase Boys aan gedaagde moet betalen.

Na een eerdere tussenuitspraak van 19 maart 2013 vond op 17 juni 2013 een comparitie plaats waarin partijen geen overeenstemming bereikten over de betaling en hoogte van de schadevergoeding. Gedaagde maakte bezwaar tegen de gedeeltelijke vernietiging van het arbitrale vonnis, maar het hof handhaafde zijn eerdere oordeel.

Het hof stelde dat met de vernietiging van het arbitrale vonnis de bevoegdheid van de kantonrechter herleeft om te oordelen over de schadevergoedingsvordering van gedaagde, die maximaal € 15.000,- netto kan bedragen. Tevens veroordeelde het hof gedaagde in de proceskosten van de procedure, die in totaal € 4.527,31 bedragen.

Het arrest werd in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2013 door de kamer bestaande uit I.A. Katz-Soeterboek, H. van Loo en G.P.M. van den Dungen.

Uitkomst: Het arbitrale vonnis wordt vernietigd voor zover het de ontbindingsvergoeding betreft en gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.093.262
arrest van de derde kamer van 20 augustus 2013
in de zaak van
de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
Harkemase Boys,
gevestigd te Harkema, gemeente Achtkarspelen,
eiseres,
hierna: Harkemase Boys,
advocaat: mr. E.W. Kingma,
tegen:
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
hierna: [gedaagde] ,
advocaat: mr. E.J.A. Vilé.

1.Het verloop van het geding

1.1
Voor het verloop van het geding tot het tussenarrest van 19 maart 2013 verwijst het hof naar dat tussenarrest.
1.2
Ingevolge dat tussenarrest heeft op 17 juni 2013 een comparitie van partijen plaatsgevonden. De partijen zijn niet tot overeenstemming gekomen. De zaak is vervolgens naar de rol verwezen voor arrest.

2.De verdere motivering van de beslissing in hoger beroep

2.1
Het hof verwijst naar en volhardt bij de inhoud van het tussenarrest van 19 maart 2013.
2.2
Bij dat arrest heeft het hof een comparitie van partijen bepaald om de partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over hetgeen in dat arrest is overwogen en om te onderzoeken of een regeling tussen hen mogelijk is. De partijen hebben ter comparitie geen overeenstemming bereikt over het al dan niet betalen van een schadevergoeding door Harkemase Boys aan [gedaagde] en de hoogte daarvan.
2.3
[gedaagde] heeft ter gelegenheid van de comparitie alsnog bezwaar gemaakt tegen gedeeltelijke vernietiging van het arbitrale vonnis. Het hof acht echter geen termen aanwezig om terug te komen op zijn oordeel dat is neergelegd in het tussenarrest van 19 maart 2013. Het hof zal het arbitrale vonnis dan ook vernietigen conform de primaire vordering van Harkemase Boys, dus voor zover dat vonnis betrekking heeft op de door Harkemase Boys aan [gedaagde] te betalen ontbindingsvergoeding.
2.4
Zoals in het tussenarrest van 19 maart 2013 in rechtsoverweging 2.6 is overwogen, herleeft de bevoegdheid van de gewone rechter, de kantonrechter, om te oordelen over de vordering van [gedaagde] tot veroordeling van Harkemase Boys om aan hem een schadevergoeding te betalen, op het moment dat de vernietiging van het arbitraal vonnis, voor zover het de aan [gedaagde] te betalen vergoeding betreft, onherroepelijk wordt. [gedaagde] zal zich dan tot de kantonrechter kunnen wenden met een vordering tot vergoeding, die maximaal € 15.000,- (netto) zal kunnen bedragen.
2.5
Als de overwegend in het ongelijk te stellen partij zal het hof [gedaagde] in de kosten van deze procedure veroordelen. Deze kosten zullen worden vastgesteld op:
- explootkosten € 76,31
- griffierecht
€ 1.769,-
subtotaal verschotten € 1.845,31
- salaris advocaat
€ 2.682,-(2,5 punten x tarief II)
Totaal € 4.527,31.

3.De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:
vernietigt het tussen de partijen door het College van Arbiters van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond gewezen arbitrale vonnis van 28 juni 2011 (nummer 1309), voor zover dat aan het oordeel van het hof is onderworpen en betrekking heeft op de toekenning van een ontbindingsvergoeding van € 15.000,- netto;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Harkemase Boys vastgesteld op € 1.845,31 voor verschotten en op € 2.682,- voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief;
verklaart dit arrest, voor zover het de proceskostenveroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad.
Dit arrest is gewezen door mrs. I.A. Katz-Soeterboek, H. van Loo en G.P.M. van den Dungen en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op
20 augustus 2013.