ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0634
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake beheer paspoort minderjarige en proceskostenveroordeling
In deze zaak gaat het om een geschil tussen ouders over het beheer van het paspoort van hun minderjarige kind na echtscheiding. De rechtbank had reeds een beschikking gegeven waarin de vader toestemming kreeg om paspoorten voor de kinderen aan te vragen en deze te beheren. De moeder ging hiertegen in hoger beroep en verzocht het hof het paspoort van het kind aan haar toe te wijzen.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de moeder aan dat zij geen belang meer had bij de beoordeling van de vervangende toestemming voor het aanvragen van paspoorten, omdat deze al waren afgegeven. Het geschil beperkte zich uiteindelijk tot de vraag wie het paspoort van het kind in beheer zou krijgen. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde het hof de beschikking van de rechtbank te bekrachtigen vanwege de voortdurende strijd tussen de ouders en het belang van de kinderen.
Het hof oordeelde dat het in het belang van de kinderen was dat de vader het paspoort beheert en de moeder de identiteitskaarten, zodat reizen zonder strijd mogelijk is. De moeder werd in het ongelijk gesteld en veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd en het meer of anders verzochte werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en veroordeelt de moeder in de kosten van het hoger beroep.