ECLI:NL:GHARL:2013:BZ1977
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A. Smeeïng-van Hees
- R. Krijger
- A. Roelvink-Verhoeff
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en toepassing uitsluitingsclausule bij echtscheiding
Partijen zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn in 2010 gescheiden. De verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap bleef echter aangehouden. De moeder van de man had tijdens het huwelijk schenkingen gedaan aan de man, die volgens hem onder een uitsluitingsclausule vielen en dus niet tot de gemeenschap behoorden.
De rechtbank stond bewijslevering toe en oordeelde dat de man aannemelijk had gemaakt dat de schenkingen niet in de gemeenschap vielen. Het hof bevestigt deze beoordeling en vernietigt de eerdere beschikkingen voor zover deze de verdeling van de gemeenschap betroffen. Het hof bepaalt dat de schenkingen weliswaar op een rekening zijn gestort die tot de gemeenschap behoorde, waardoor de gemeenschap baat had bij deze gelden, maar dat dit niet uitsluit dat een repriserecht is ontstaan.
Het hof stelt vast dat de man een reprisevordering heeft van €181.512,01, waarvan reeds €35.885,44 is voldaan uit de gemeenschap. Het restant van €145.626,57 dient te worden voldaan bij verkoop van de echtelijke woning, waarna de overwaarde gelijkelijk wordt verdeeld. Het incidenteel hoger beroep van de vrouw wordt verworpen en de proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bevestigt het bestaan van een uitsluitingsclausule en bepaalt de reprisevordering en wijze van verrekening bij verkoop van de woning.