ECLI:NL:GHARL:2013:BZ2341
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- B.J.H. Hofstee
- G. Jonkman
- I. Tubben
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over draagplicht schulden en verjaring heffingskorting bij echtscheiding
Partijen zijn in 1999 in Marokko gehuwd en later in Nederland gaan wonen. De echtscheiding werd uitgesproken in 2005, waarbij het huwelijksvermogensregime door Marokkaans recht werd beheerst. Het geschil betreft de draagplicht voor schulden bij Rabobank, ANWB/Visa en Finatabank, alsmede de vraag of een vordering over heffingskortingen is verjaard.
De rechtbank wees de vorderingen van appellant af en kende een bedrag toe aan geïntimeerde inzake de heffingskortingen. Het hof oordeelt dat de rechtbank onterecht bepaalde feiten als vaststaand aannam zonder nadere motivering. Het hof stelt vast dat partijen geen gemeenschap van goederen hadden en dat de schulden bij Rabobank en ANWB/Visa op naam van appellant staan. Over de draagplicht voor deze schulden wordt de beslissing aangehouden.
Voor de schuld bij de Finatabank oordeelt het hof dat partijen ieder voor de helft draagplichtig zijn, ook gezien het ontbreken van andersluidende afspraken en het feit dat de schuld hoofdelijk is aangegaan. De vordering van geïntimeerde over de heffingskortingen wordt voorlopig als verjaard beschouwd, tenzij geïntimeerde tegenbewijs levert dat zij pas na 2005 bekend was met de situatie. Het hof staat dit tegenbewijs toe, onder meer via getuigenverhoor.
De zaak wordt aangehouden voor verdere bewijslevering en beslissing op de resterende grieven en kostenveroordeling.
Uitkomst: Het hof vernietigt delen van het vonnis en staat geïntimeerde toe tegenbewijs te leveren over de verjaring van de heffingskorting, terwijl de beslissing over de draagplicht voor schulden wordt aangehouden.