ECLI:NL:GHARL:2013:BZ2600
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Ch.E. Bethlem
- P.H. van Ginkel
- Chr.H. van Dijk
- Rechtspraak.nl
Geen verzekeringsovereenkomst tussen VDS en TCRe; onrechtmatig handelen door nalaten waarschuwing
In deze civiele procedure staat centraal of tussen VDS en TCRe een verzekeringsovereenkomst is gesloten met betrekking tot het product DebiteurenGarant. Het hof bevestigt dat op 14 december 2007 geen verzekeringsovereenkomst tot stand is gekomen omdat CF niet bevoegd was namens TCRe een dergelijke overeenkomst te sluiten en TCRe deze niet stilzwijgend heeft bekrachtigd.
VDS stelde dat TCRe door het gebruik van haar logo en het nalaten van waarschuwingen de schijn van een verzekeringsovereenkomst had gewekt. Het hof oordeelt echter dat deze omstandigheden onvoldoende zijn om een schijn van volmachtverlening aan CF af te leiden. Bovendien was VDS op de hoogte dat CF een machtiging had om namens haar een verzekeringsovereenkomst aan te gaan, maar dat dit nog niet had plaatsgevonden.
Het hof stelt vast dat TCRe onzorgvuldig en onrechtmatig heeft gehandeld door VDS niet tijdig te informeren dat zij geen dekking had, ondanks dat TCRe dit standpunt al in 2008 innam tegenover CF. Dit nalaten heeft VDS schade berokkend, gelijk aan het bedrag van de vordering die VDS via CF bij TCRe indiende na het faillissement van een debiteur.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Utrecht, vernietigt de verklaring voor recht dat een verzekeringsovereenkomst tot stand is gekomen, en veroordeelt TCRe op grond van onrechtmatige daad tot vergoeding van de schade van VDS. Tevens wordt TCRe veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Geen verzekeringsovereenkomst, maar TCRe is onrechtmatig en moet schadevergoeding aan VDS betalen.