ECLI:NL:GHARL:2013:BZ4162
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verjaring en aansprakelijkheid bij verzakking betonvloer na verbouwing woonboerderij
In deze civiele zaak gaat het om een geschil tussen appellant en geïntimeerde over gebreken aan een verbouwde woonboerderij, met name een verzakte betonvloer en scheurvorming in muren. Appellant stelde geïntimeerde aansprakelijk voor het niet herstellen van deze gebreken en vorderde onder meer herstelkosten en schadevergoeding.
De rechtbank had geoordeeld dat de vordering van appellant was verjaard, omdat de verjaringstermijn van twee jaar volgens de rechtbank was begonnen bij de eerste melding van de problemen in 2005. Appellant betwistte dit en stelde dat hij pas in 2009 wist dat er sprake was van een verzakking en dat de verjaringstermijn daarom pas toen was gestart.
Het hof overweegt dat de eerste melding in 2005 moet worden aangemerkt als een protest in de zin van artikel 7:761 lid 1 BW Pro, ook al wist appellant toen mogelijk niet dat er sprake was van een verzakking. De klachten bleven voortduren en het monitoren van de scheurvorming werd afgesproken. Het hof laat appellant toe tegenbewijs te leveren dat in 2005 slechts sprake was van krimpscheuren en geen gebrek, waarna het hof de verjaring zal heroverwegen.
Verder oordeelt het hof dat geïntimeerde niet heeft toegezegd de verzakking te herstellen en dat de verjaring niet is verlengd door contact tussen partijen. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en verdere beslissing.
De uitspraak bevestigt het belang van tijdige melding van gebreken en de strikte toepassing van de verjaringstermijn in aannemingsovereenkomsten.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en staat appellant toe tegenbewijs te leveren over het tijdstip van protest en verjaring.