ECLI:NL:GHARL:2013:BZ7785
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens feitelijk leidinggeven aan illegale stortingen en valsheid in geschrift
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het feitelijk leidinggeven aan het zonder vergunning in werking hebben van een inrichting voor het opslaan en storten van afvalstoffen op locaties nabij Kekerdom, en voor valsheid in geschrift. De rechtbank sprak verdachte vrij van de primaire tenlasteleggingen, maar het hof vernietigde dit vonnis en verklaarde verdachte schuldig aan de subsidiaire feiten.
Het hof oordeelde dat de verdachte als directeur en enig aandeelhouder van de onderneming feitelijk leiding heeft gegeven aan het storten van afvalstoffen, zonder de vereiste vergunningen op grond van de Wet milieubeheer en de Wet verontreiniging oppervlaktewateren. Het beroep op rechtsdwaling werd verworpen omdat verdachte niet had voldaan aan zijn zorgplicht om zich te informeren over de vergunningplicht.
Verder werd vastgesteld dat de gestorte materialen niet voldeden aan de uitzonderingen voor bouwstoffen en dat sprake was van afvalstoffen in de zin van de wetgeving. Ook werd bewezen verklaard dat verdachte valsheid in geschrift had gepleegd door het opmaken van valse facturen met het oogmerk deze als echt te gebruiken.
Bij de strafoplegging hield het hof rekening met het feit dat verdachte niet eerder was veroordeeld voor soortgelijke feiten, de complexiteit van de regelgeving en het lange tijdsverloop tussen de feiten en de uitspraak. Het hof veroordeelde verdachte tot een geldboete van € 3.000, waarvan € 1.500 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €3.000, waarvan €1.500 voorwaardelijk, voor feitelijk leidinggeven aan illegale stortingen en valsheid in geschrift.