ECLI:NL:GHARL:2013:CA2301
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Wraking
- G. Mintjes
- W.L. Valk
- M. Barels
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens gegronde vrees voor vooringenomenheid rechter
In deze zaak werd door de verdachte een wrakingsverzoek ingediend tegen de raadsheren H. Abbink, B.J.J. Melssen en J.P. Bordes van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verdachte wordt verdacht van diefstal van drie flesjes parfum bij een winkel. Tijdens de terechtzitting werd een verzoek tot het horen van drie getuigen afgewezen met als motivering dat de verdachte wisselende verklaringen had afgelegd en een ongeloofwaardig verhaal had verteld.
De wrakingskamer overwoog dat het hof zich mogelijk al een oordeel had gevormd voordat het onderzoek ter terechtzitting was gesloten, wat een zwaarwegende aanwijzing vormt voor vooringenomenheid. Daarnaast versterkte de schriftelijke reactie van de raadsheren, waarin verwezen werd naar de justitiële documentatie van de verdachte met eerdere veroordelingen, de vrees voor vooringenomenheid.
De wrakingskamer benadrukte dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, maar dat uitzonderlijke omstandigheden kunnen leiden tot toewijzing van wraking. De beslissing van het hof om het getuigenverzoek af te wijzen en de motivering daarvan vormden voldoende grond voor de vrees van de verdachte.
Uiteindelijk werd het wrakingsverzoek toegewezen en werden de betrokken raadsheren gewraakt. De zaak toont het belang van onpartijdigheid en het zorgvuldig omgaan met motiveringen tijdens de strafprocedure.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de raadsheren wordt toegewezen wegens gegronde vrees voor vooringenomenheid.