ECLI:NL:GHARL:2013:CA2648
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Kennelijk onredelijk ontslag wegens bedrijfseconomische redenen en toepassing gevolgencriterium
Eiser, sinds 1990 werkzaam bij een onderdeel van het [D]-concern, werd per 1 juli 2010 ontslagen wegens bedrijfseconomische redenen. Hij betwistte dat het ontslag rechtmatig was en stelde dat onvoldoende rekening was gehouden met de verwevenheid binnen het concern en zijn beperkte arbeidsmarktpositie.
De kantonrechter oordeelde eerder dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was, mede omdat eiser aansluitend ander werk verrichtte. Het hof stelt echter vast dat Kraanverhuur, de werkgever, sterk verweven was met het concern en niet als zelfstandige bedrijfsvestiging kon worden beschouwd. Het hof vindt dat de werkgever onvoldoende heeft geprobeerd eiser binnen het concern te herplaatsen, terwijl zijn functie niet was komen te vervallen.
Gezien de kwetsbare positie van eiser op de arbeidsmarkt en de beperkte inspanningen van de werkgever, kwalificeert het hof het ontslag als kennelijk onredelijk. De hoogte van de schadevergoeding wordt nog nader vastgesteld tijdens een comparitie, waarbij partijen worden uitgenodigd om stukken te overleggen en een minnelijke regeling te beproeven.
Uitkomst: Het hof kwalificeert het ontslag als kennelijk onredelijk en gelast een comparitie voor nadere schadevaststelling.