ECLI:NL:GHARL:2013:CA3151
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging belastingaanslagen wegens valsheid in geschrifte en schending administratieplicht
Het geschil betreft het hoger beroep van Y BV tegen belastingaanslagen vennootschapsbelasting over de jaren 2000 tot en met 2006, opgelegd door de Inspecteur na een boekenonderzoek en strafrechtelijk onderzoek naar valsheid in geschrifte en onjuiste administratie.
Belanghebbende voerde aan dat de aanslagen te vroeg waren opgelegd, in strijd met het verdedigingsbeginsel (Sopropé-arrest) en dat de Inspecteur onredelijk was door contante betalingen voor geleverde goederen buiten beschouwing te laten. De Inspecteur stelde dat belanghebbende gebonden was aan een akkoordverklaring waarin zij afstand deed van beroep op verjaring en dat de aanslagen terecht waren opgelegd.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst over het niet-beroepen op verjaring geldig was, ondanks dat de Inspecteur een navorderingsaanslag over 2000 oplegde voordat het boekenonderzoek was afgerond. Het beroep op het Sopropé-arrest faalde omdat belanghebbende voldoende gelegenheid had om op het controlerapport te reageren. De bewijslast was terecht omgekeerd wegens valsheid in geschrifte, en de Inspecteur had de redelijkheid in acht genomen bij de schatting van de correcties. De getuigenverklaringen over contante betalingen waren onvoldoende om de correcties te verminderen.
Het hof verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, inclusief de heffingsrente en proceskostenverdeling.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de belastingaanslagen en wijst het hoger beroep van belanghebbende af.