Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken
[verdachte],
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
€ 360,--, subsidiair 7 dagen hechtenis. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De verdachte werd beschuldigd van het rijden met een snelheid van ongeveer 163 km/u op een autosnelweg waar 120 km/u was toegestaan, een overschrijding van meer dan 40 km/u. Het hof onderzocht de bewijsstukken, bestaande uit twee gescande documenten die niet als originele of gewaarmerkte proces-verbalen konden worden aangemerkt.
De verdediging betwistte de bewijswaarde van deze stukken, wat door het hof werd bevestigd. De stukken ontbeerden een gekwalificeerde elektronische handtekening en voldeden niet aan de vereisten van artikel 153, lid 2, Sv. Hierdoor konden zij niet de bijzondere bewijskracht krijgen die aan proces-verbalen wordt toegekend.
Omdat het bewijs slechts uit één van de stukken kon worden afgeleid en dit onvoldoende was, oordeelde het hof dat er onvoldoende wettig bewijs was om de verdachte te veroordelen. Het vonnis van de kantonrechter werd vernietigd en de verdachte werd vrijgesproken van de ten laste gelegde snelheidsovertreding.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor de snelheidsovertreding.