Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
gevoegde partij aan de zijde van [appellante],
de KBvG,
de SVB,
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De verdere beoordeling
De eerste griefricht zich tegen de primaire beslissing van de kantonrechter, inhoudend dat [appellante] niet-ontvankelijk is in haar vordering omdat zij – kort gezegd – niet binnen de in artikel 477a lid 2 Rv bepaalde termijn van twee maanden de SVB (de derde-beslagene) heeft gedagvaard tot het doen van een (juiste) gerechtelijke verklaring.
3.Met betrekking tot grief 1
4.Slotsom
10 juni 2014.