Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De grieven
4.De vaststaande feiten
5.De motivering van de beslissing in hoger beroep
6.De slotsom
€ 704,-
€ 2.682,-(3 punten x tarief II)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Ropeblock B.V. en haar voormalige werknemer, die in dienst trad bij een buitenlandse concurrent, waren in geschil over de schorsing van een concurrentiebeding. De werknemer was op non-actief gesteld en trad per 1 juli 2014 in dienst bij Crosby, een internationale marktleider in de hijsindustrie.
De kantonrechter had het concurrentiebeding deels geschorst, maar het hof vernietigde dit vonnis en bepaalde dat de schorsing van het concurrentiebeding pas ingaat op 13 mei 2015. Het hof oordeelde dat de werknemer niet onbillijk wordt benadeeld door het beding, mede gezien het belang van Ropeblock bij bescherming tegen mogelijke penetratie van de Europese markt door Crosby.
Het hof stelde vast dat de werknemer zijn positie bij Crosby aanzienlijk verbeterde, maar dat het concurrentiebeding gerechtvaardigd is vanwege de vertrouwelijke kennis die de werknemer bezit. De kosten van het hoger beroep werden verdeeld tussen partijen, waarbij de werknemer de kosten van het principaal hoger beroep draagt en Ropeblock die van het incidenteel hoger beroep.
Uitkomst: De schorsing van het concurrentiebeding gaat in op 13 mei 2015; werknemer wordt niet onbillijk benadeeld.