Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in het principaal hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn na ontbinding van hun geregistreerd partnerschap in geschil over de verhuizing van de vrouw met de kinderen, de zorgregeling, gebruiksvergoeding en verdeling van de gemeenschap van goederen.
De vrouw verzocht vervangende toestemming om met de kinderen naar een andere plaats te verhuizen, gesteund op haar wens een nieuw leven met haar partner op te bouwen. De man verzette zich vanwege het belang van de kinderen en zijn eigen betrokkenheid, wijzend op de aanzienlijke reistijd en mogelijke vermindering van contact.
Het hof oordeelde dat het belang van de man en de kinderen bij uitgebreid contact zwaarder weegt dan het verhuisbelang van de vrouw. De verhuizing zou leiden tot een onaanvaardbare beperking van het contact. De zorgregeling werd aangepast zodat de man de kinderen eenmaal per veertien dagen vanaf woensdagavond tot zondagavond ontvangt.
Verder behandelde het hof geschillen over financiële afwikkeling, waarbij het toedelen van een bankrekening aan de vrouw werd bevestigd onder betaling aan de man, en de vrouw verplicht werd tot betaling van haar deel van de schuld en kinderopvangtoeslag. Het verzoek tot gebruiksvergoeding vanaf een eerdere datum werd afgewezen wegens volledige overeenstemming bij voorlopige voorzieningen.
De beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd en op enkele punten aangevuld, met compensatie van de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vervangende toestemming voor verhuizing af en wijzigt de zorgregeling ten gunste van de man.