ECLI:NL:GHARL:2015:7788
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep arbeidsongeschiktheidsverzekering en incidenten over schorsing tenuitvoerlegging
De zaak betreft een arbeidsongeschiktheidsverzekering gesloten in 2002 tussen [geïntimeerde] en De Amersfoortse, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid en uitkeringen centraal staan. Na een langdurige bodemprocedure stelde de rechtbank vast dat [geïntimeerde] voor 65-80% arbeidsongeschikt was en veroordeelde De Amersfoortse tot betaling van uitkeringen vanaf 1 maart 2007.
De Amersfoortse stelde in hoger beroep incidenten in om de tenuitvoerlegging van dit vonnis te schorsen of zekerheid te stellen, stellende dat [geïntimeerde] verzekeringsfraude had gepleegd en niet langer arbeidsongeschikt was. Het hof oordeelde dat de nieuwe getuigenverklaringen en stukken pas laat in de procedure waren ingebracht en onvoldoende hard bewijs vormden om het eerdere oordeel te doorbreken.
Het hof benadrukte dat het verzekerde beroep vaag is en dat de mate van arbeidsongeschiktheid complex is vastgesteld door meerdere deskundigen. De belangenafweging leidde tot afwijzing van de schorsings- en zekerheidstellingvorderingen, mede omdat het belang van [geïntimeerde] bij voortzetting van de uitkeringen evident is. De hoofdzaak wordt verwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging en zekerheidstelling af en verwijst de hoofdzaak voor verdere behandeling.