ECLI:NL:GHARL:2015:8255
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken van voorbehoud ex artikel 96 Rv
In deze civiele zaak vordert geïntimeerde betaling van een restantbedrag voor uitgevoerde bronbemalingswerkzaamheden en stelt zij appellante aansprakelijk voor schade aan materialen op de bouwlocatie. De kantonrechter oordeelde dat de overeenkomst een gemengde overeenkomst van opdracht en huur betreft en wees het gevorderde bedrag toe, terwijl de vorderingen van appellante tot schadevergoeding werden afgewezen.
Partijen hadden het geschil aan de kantonrechter voorgelegd op grond van artikel 96 Rv Pro, waarbij volgens artikel 333 Rv Pro hoger beroep slechts openstaat indien partijen dit uitdrukkelijk en eensluidend hebben voorbehouden. Dit voorbehoud ontbrak echter, waardoor het hof appellante niet-ontvankelijk verklaarde in haar hoger beroep.
De advocaat van appellante stelde dat het geschil slechts ex artikel 96 Rv Pro aan de kantonrechter was voorgelegd onder een voorwaarde die niet was vervuld, zodat hoger beroep openstond. Het hof vond hiervoor geen steun in het vonnis of de aantekeningen ter zitting.
Het hof veroordeelde appellante in de kosten van het hoger beroep en verklaarde het arrest uitvoerbaar bij voorraad. Hiermee is het vonnis van de kantonrechter ongewijzigd gebleven.
Uitkomst: Appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep wegens ontbreken van een uitdrukkelijk en eensluidend voorbehoud van hoger beroep.