Uitspraak
[appellant/bedrijf],
[geïntimeerde],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
"meer als een chantage dan als een serieuze ziekmelding"en voorts geschreven:
4.De verzoeken aan de kantonrechter en de beoordeling daarvan
5.De beoordeling in hoger beroep
"willen aangeven dat de situatie niet zonder reden was ontstaan".Daaruit blijkt op geen enkele manier dat [geïntimeerde] beseft welk gedrag passend is tegenover een klant, bij wie hij een fout maakt, en hoe die klant het excuus zal opvatten.
6.6. De beslissing
mr. M.F.J.N. van Osch en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 april 2016 in aanwezigheid van de griffier.