Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft de vaststelling van kinderalimentatie na echtscheiding waarbij de man in hoger beroep verzoekt om verlaging van zijn bijdrage vanwege gestegen woonlasten en gewijzigde fiscale regelgeving. De rechtbank had zijn verzoek eerder niet ontvankelijk verklaard.
Het hof oordeelt dat de stijging van woonlasten geen relevante wijziging van omstandigheden vormt omdat de forfaitaire wooncomponent reeds rekening houdt met woonlasten. Wel acht het hof de wijzigingen in de fiscale kindregelingen per 1 januari 2015 een relevante wijziging die herziening van de alimentatie rechtvaardigt. De nieuwe richtlijn van de Expertgroep Alimentatienormen wordt toegepast.
De draagkracht van de man wordt vastgesteld op €529 per maand, de vrouw heeft een draagkracht van circa €140 per kind per maand. Gezien de gezamenlijke onvoldoende draagkracht wordt een zorgkorting van 25% toegepast. De man moet per kind €86 betalen en voor de meerderjarige [kind 1] €132,25 per maand. De gewijzigde alimentatie gaat in per 1 januari 2015, met behoud van het recht voor de vrouw om teveel betaalde bedragen niet terug te betalen.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt per 1 januari 2015 gewijzigd naar €86 per kind per maand en €132,25 voor de meerderjarige, met vernietiging van de eerdere beschikking.