Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[persoon 1],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.De motivering van de beslissing in hoger beroep
5.De slotsom
€ 894,00(1 punt x tarief II)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat centraal of het UWV zijn vordering op een schuldenaar mag verrekenen met diens WAO-uitkering nadat de schuldsaneringsregeling is uitgesproken. De schuldenaar ontvangt sinds 1992 een WAO-uitkering en het UWV had een bedrag teruggevorderd wegens ten onrechte ontvangen toeslag. Het UWV verrekent maandelijks € 100 bruto met de WAO-uitkering.
De bewindvoerder in de schuldsaneringsregeling vordert dat deze verrekening wordt gestopt en dat het reeds verrekende bedrag wordt terugbetaald, stellende dat het recht op WAO-uitkering per dag ontstaat en dus na de schuldsaneringsuitspraak. De rechtbank wees deze vordering af, stellende dat het recht op WAO-uitkering al vóór de schuldsanering is toegekend.
Het hof bevestigt dit oordeel en overweegt dat het recht op WAO-uitkering wordt toegekend met een beschikking die het recht voor onbepaalde tijd vastlegt, tenzij een later besluit dit wijzigt. Omdat zowel de schuld van het UWV als het recht op WAO-uitkering vóór de schuldsanering zijn ontstaan, is verrekening toegestaan. De grieven van de bewindvoerder worden verworpen en het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het vonnis van de rechtbank Overijssel wordt bekrachtigd.