Betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter die zijn beroep tegen een bestuursstrafbeslissing niet-ontvankelijk verklaarde wegens te late indiening.
Het hof oordeelt dat hoger beroep in WAHV-zaken ook mogelijk is bij een sanctie van minder dan €71,- indien de kantonrechter niet-ontvankelijk verklaart wegens termijnoverschrijding. De betrokkene beriep zich op verschoonbaarheid omdat hij te goeder trouw wachtte op een gemotiveerde beslissing die apart zou worden verzonden.
De brief van het CJIB verwees naar een afzonderlijk verzonden motivering die betrokkene niet ontving. Hierdoor is de beslissing niet op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt, zodat betrokkene geen beroepsgronden kon indienen.
Het hof beveelt de griffier de beslissing alsnog toe te zenden en geeft betrokkene vier weken om (aanvullende) beroepsgronden in te dienen. De verdere beslissing wordt aangehouden.