ECLI:NL:GHARL:2017:1376
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- R. van den Heuvel
- R.H. Koning
- A. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontucht met cliënt in gezondheidszorg
De zaak betrof een verdachte werkzaam in de gezondheidszorg die werd beschuldigd van ontuchtige handelingen met een cliënt over de periode 2005-2011. In eerste aanleg werd hij veroordeeld voor één feit en vrijgesproken voor een ander. Na hoger beroep en vernietiging door de Hoge Raad werd de zaak opnieuw behandeld door het hof.
Het hof oordeelde dat verdachte tijdens een verhoor op 7 november 2012 herhaaldelijk om zijn advocaat had gevraagd, maar dit verzoek niet werd ingewilligd. Dit vormverzuim leidde tot bewijsuitsluiting van de verklaring van die dag. Daarnaast oordeelde het hof dat verdachte bij zijn eerste verhoor weliswaar afstand had gedaan van het recht op consultatie, maar met een voorbehoud om later alsnog contact op te nemen met een advocaat.
Het bewijs bestond voornamelijk uit de verklaring van de aangever en getuigenverklaringen die herleidbaar waren tot dezelfde bron. Het hof vond dit onvoldoende om aan het bewijsminimum te voldoen en sprak verdachte vrij. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd afgewezen omdat de verdachte niet schuldig werd bevonden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en verklaring van 7 november 2012 wordt uitgesloten.