Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan
het gemeenschappelijk belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT)(hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde van een multifunctioneel bedrijfspand per 1 januari 2014 vast op €329.000, wat leidde tot een aanslag OZB van €731,37. Belanghebbende maakte bezwaar en kwam in beroep bij de rechtbank, die de waarde verlaagde tot €250.000 en de aanslag dienovereenkomstig aanpaste.
In hoger beroep betwistte belanghebbende de waarde en verwees naar een huurprijs van €1.200 per maand, wat een lagere waarde impliceert. De heffingsambtenaar stelde dat de huurprijs niet zakelijk was en overhandigde een taxatierapport met een waarde van €290.000, gebaseerd op vergelijkbare panden en een huurwaardekapitalisatiemethode.
Het hof oordeelde dat de huurprijs tussen onafhankelijke partijen tot stand was gekomen en als zakelijk moest worden beschouwd. De heffingsambtenaar slaagde niet in zijn bewijslast om dit te weerleggen. Wel werd rekening gehouden met een dalende markt tussen de waardepeildatum en de huurdatum, waardoor de waarde werd aangepast naar €146.000.
Het hof verklaarde het hoger beroep van belanghebbende gegrond en het incidentele hoger beroep van de heffingsambtenaar ongegrond. De aanslag OZB werd dienovereenkomstig verminderd. Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: Het hof stelt de WOZ-waarde vast op €146.000 en vermindert de aanslag OZB dienovereenkomstig.