Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
Rentree,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak was appellante in eerste aanleg in het ongelijk gesteld door de kantonrechter te Zwolle. Appellante stelde hoger beroep in tegen dit vonnis, maar diende geen memorie van grieven in ondanks meerdere uitstelmogelijkheden, waaronder een ambtshalve peremptoire termijn van 53 weken. Haar advocaat onttrok zich aan de zaak, en er werd geen nieuwe advocaat gesteld.
Rentree, de geïntimeerde, stelde partijperemptoir en vroeg om akte niet-dienen toe te kennen. Het hof verleende deze akte nadat appellante geen grieven had ingediend, waardoor haar recht om van grieven te dienen verviel. Het hof oordeelde dat het bestreden vonnis niet in strijd was met openbare orde en verwierp het hoger beroep.
Appellante werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op € 311 aan verschotten en € 447 aan advocaatkosten. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en op 4 juli 2017 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt verworpen wegens het niet indienen van de memorie van grieven en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.