Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Enschede(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
750
3.221
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende maakte aanspraak op aftrek van specifieke zorgkosten in de inkomstenbelasting over 2011, waaronder aanzienlijke kosten voor woningaanpassing. De Inspecteur wees deze aftrek af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde belanghebbende dat de woningaanpassing noodzakelijk was vanwege een medische aandoening.
Het hof oordeelde dat de verklaring van de huisarts onvoldoende specifiek was om te spreken van een medisch voorschrift dat de aftrek zou rechtvaardigen. De verklaring gaf slechts aan dat een woningaanpassing op termijn te verwachten was, maar niet dat deze in 2011 noodzakelijk was of welke aanpassingen medisch vereist waren. Hierdoor kon de aftrek van de woningaanpassing niet worden toegekend.
Verder stelde het hof vast dat belanghebbende geen bewijs had geleverd van overige specifieke zorgkosten boven de standaard aftrek voor kleding en beddengoed. De aftrek bleef daardoor onder de drempel en werd afgewezen. Wel werd het hoger beroep gegrond verklaard voor zover het de vermindering van het belastbaar inkomen en de heffingsrente betrof, waardoor de aanslag werd verminderd.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond, en bepaalde dat de Inspecteur het betaalde griffierecht aan belanghebbende moest vergoeden. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 10 oktober 2017.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en vermindert de aanslag wegens onterecht afgewezen aftrek specifieke zorgkosten en heffingsrente.