ECLI:NL:GHARL:2018:21
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Vernietiging administratieve sanctie wegens onvoldoende bewijs parkeren langer dan 6 meter buiten vastgestelde tijden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Rotterdam inzake een administratieve sanctie opgelegd aan betrokkene voor het parkeren van een voertuig langer dan 6 meter buiten de vastgestelde tijden. De kantonrechter had het beroep van betrokkene ongegrond verklaard, maar het hof vernietigt deze beslissing.
De gemachtigde van betrokkene voerde aan dat de officier van justitie geen gelegenheid had geboden om de gronden van het beroep aan te vullen, terwijl uit het beroepschrift bleek dat betrokkene dit expliciet had verzocht. Het hof oordeelt dat de officier van justitie deze aanvulling had moeten toestaan en dat het ontbreken hiervan leidt tot vernietiging van de beslissing.
Daarnaast betwistte betrokkene dat het voertuig daadwerkelijk op de pleeglocatie was en wees op onvoldoende bewijs van de verbalisant. Het hof stelt vast dat de verklaring van de verbalisant onvoldoende specifiek is en niet toereikend om vast te stellen dat de gedraging daadwerkelijk is verricht. Gezien het tijdsverloop en de mogelijkheid voor de advocaat-generaal om aanvullende informatie te verstrekken, ziet het hof af van het verzoek om aanvullend proces-verbaal.
Het gevolg is dat de sanctiebeschikking wordt vernietigd en betrokkene het door hem gestelde zekerheid wordt gerestitueerd. Tevens veroordeelt het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene ter hoogte van € 735,-.
Uitkomst: De administratieve sanctie wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs en de advocaat-generaal wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 735,-.