ECLI:NL:GHARL:2018:3739
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in hoger beroep wegens onvoldoende bewijs deelname rel bij vluchtelingennoodopvang
Op 9 oktober 2015 ontstond een relsituatie bij de noodopvang voor vluchtelingen in Woerden waarbij dranghekken werden omgegooid en met eieren en zwaar vuurwerk werd gegooid richting beveiligers. Verdachte werd ervan verdacht deel te hebben genomen aan deze ongeregeldheden.
In eerste aanleg sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. Het Openbaar Ministerie stelde hoger beroep in, gericht op de vrijspraak voor samenscholing. Tijdens het hoger beroep stelde de advocaat-generaal dat verdachte wist van de kwade bedoelingen van de groep waar hij deel van uitmaakte.
Het hof oordeelde echter dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten bevat om vast te stellen dat verdachte vooraf op de hoogte was van de rel en dat zijn aanwezigheid nabij de relgroep onvoldoende is om schuld aan te nemen. Verdachte toonde zich afstandelijk en liep weg van de groep. Daarom sprak het hof verdachte vrij van openlijke geweldpleging en samenscholing en verklaarde het OM niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen andere feiten.
Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd opnieuw behandeld, waarbij het hof tot dezelfde vrijspraak kwam. Hiermee is de verdachte definitief vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van openlijke geweldpleging en samenscholing wegens onvoldoende bewijs.