Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder oefent het gezag uit over haar minderjarige kind, dat sinds 2010 onder toezicht staat. Na een periode van verblijf op verschillende adressen is het kind medio 2017 weer bij de moeder gaan wonen. De ondertoezichtstelling werd verlengd tot januari 2019 vanwege ernstige bedreigingen in de ontwikkeling van het kind.
De moeder is licht verstandelijk beperkt en kampt met een problematisch verleden, waaronder seksueel misbruik en mishandeling. Zij weigert hulpverlening voor zichzelf en haar kinderen, wat de samenwerking met de gecertificeerde instelling bemoeilijkt. Het kind vertoont gedragsproblemen en heeft constante begeleiding nodig.
Het hof constateert dat ondanks de thuisplaatsing nog steeds onvoldoende zicht is op het opvoedingsklimaat en de veiligheid van het kind. De moeder belemmert de hulpverlening en het contact met de vader en grootouders is gestagneerd. Daarom is verlenging van de ondertoezichtstelling noodzakelijk om de bedreiging af te wenden en extra hulp te kunnen inzetten.
De grieven van de moeder worden afgewezen en de beschikking van de kinderrechter wordt bekrachtigd. De ondertoezichtstelling wordt verlengd voor de maximale duur van een jaar.
Uitkomst: De verlenging van de ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt bekrachtigd voor de duur van een jaar.