ECLI:NL:GHARL:2018:6400
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Jonkman
- I.M. Dölle
- F. Kleefmann
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake bewindvoering en mentorschap bij dementie met verstoorde familieverhoudingen
Betrokkene, een vrouw met dementie die intensieve zorg ontvangt in een verpleeghuis, is onder bewind gesteld en heeft een mentor. Verzoekster1, een van haar kinderen, verzocht om ontslag van de huidige mentor en benoeming van haarzelf als mentor en bewindvoerder. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna hoger beroep werd ingesteld.
Het hof oordeelt dat betrokkene vanwege haar cognitieve beperkingen niet in staat is haar wil duidelijk kenbaar te maken. Er zijn geen gewichtige redenen voor ontslag van de huidige mentor, die de belangen van betrokkene adequaat behartigt. De verstoorde familieverhoudingen en de noodzaak van onafhankelijke zorgondersteuning maken het wenselijk dat een onafhankelijke mentor en bewindvoerder worden gehandhaafd.
Ook ten aanzien van het bewind wordt afgeweken van de wettelijke voorkeursregeling vanwege de conflicten binnen de familie. De benoeming van een onafhankelijke bewindvoerder blijft gehandhaafd. Het beroep op het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap wordt door het hof als noodzakelijk en proportioneel in het belang van betrokkene beoordeeld.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst de grieven van verzoekster1 en betrokkene af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot ontslag van de mentor en benoeming van verzoekster1 als bewindvoerder en mentor af.