Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak is in hoger beroep de beschikking van de kinderrechter aangevochten die een machtiging verleende voor opname en verblijf van een minderjarige in een gesloten jeugdhulpaccommodatie. De minderjarige betoogde dat het verzoek van de gecertificeerde instelling niet voldeed aan de wettelijke vereisten, met name dat geen instemmingsverklaring van een gekwalificeerde gedragswetenschapper was overgelegd zoals vereist in artikel 6.1.2 lid 6 Jeugdwet.
Het hof stelde vast dat het psychologisch onderzoek waarop het verzoek was gebaseerd, was afgerond vóór het verzoek werd ingediend en niet specifiek was gericht op de gesloten plaatsing. Hierdoor ontbrak de noodzakelijke actuele instemming van een gedragswetenschapper die de noodzaak van gesloten jeugdhulp toetst. Dit vormde een formeel gebrek dat het verzoek niet ontvankelijk maakte.
Het hof overwoog verder dat de jeugdige zich in de huidige situatie positief ontwikkelt en dat de gesloten plaatsing niet langer noodzakelijk is. Gelet op deze omstandigheden vernietigde het hof de beschikking van de kinderrechter en wees het verzoek van de gecertificeerde instelling af. De beschikking is bij voorraad uitvoerbaar verklaard.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking en wijst het verzoek tot machtiging gesloten jeugdhulp af wegens het ontbreken van een actuele instemmingsverklaring van een gedragswetenschapper.