Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
ontvangervan de
Belastingdienst/Kantoor Enschede(hierna: de Ontvanger)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende was verplicht de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2016 van €3.560 uiterlijk 29 juli 2017 te betalen, maar deed dit niet. De Belastingdienst stuurde op 15 augustus 2017 een aanmaning met €16 aanmaningskosten. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze kosten en stelde dat hij de betaling mocht opschorten vanwege vermeende nalatigheid van de Minister van Financiën in zijn toezichthoudende taken.
De rechtbank verklaarde het bezwaar en het daarop volgende beroep ongegrond en oordeelde dat belanghebbende in gebreke was. Het hof bevestigt deze uitspraak en wijst erop dat noch de Invorderingswet 1990 noch andere wettelijke bepalingen een opschorting van betaling toestaan op grond van de door belanghebbende aangevoerde omstandigheden.
Het hof benadrukt dat belanghebbende gehouden is zijn fiscale verplichtingen tijdig na te komen en dat de aanmaning en kosten terecht zijn opgelegd. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is op 28 augustus 2018 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanmaningskosten worden bevestigd.