Uitspraak
[appellant],
[geïntimeerde],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Geïntimeerde vorderde bij de rechtbank een verklaring voor recht dat hij eigenaar is van een Vespa scooter en dat appellant werd veroordeeld tot afgifte van deel II van het kentekenbewijs. De rechtbank wees deze vorderingen toe. Appellant kwam in hoger beroep tegen dit vonnis.
Het hof stelde vast dat de vorderingen van geïntimeerde een waarde vertegenwoordigen van €1.350, wat onder de appelgrens van €1.750 ligt. Omdat appellant geen reconventionele vordering had ingesteld die de waarde boven die grens bracht, kon hij niet ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.
Het hof veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep en verklaarde de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Het arrest werd uitgesproken door drie raadsheren op 28 augustus 2018.
Uitkomst: Appellant is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens appelgrens van €1.750.