Uitspraak
[appellant],
VNN,
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De feiten
Wachtgeld wordt met ingang van de dag na de dag waarop de dienstbetrekking eindigt toegekend aan de werknemer wiens arbeidsovereenkomst niet op eigen verzoek eindigt, als deze beëindiging het gevolg is van:
Het wachtgeld wordt toegekend als:
de werknemer een uitkering in het kader van de Werkloosheidswet ontvangt en;
Het wachtgeld wordt toegekend gedurende drie maanden, vermeerderd met drie maanden voor elk vol dienstjaar, zij het dat bij toepassing van deze bepaling ten hoogste 20 dienstjaren in aanmerking worden genomen.
Het wachtgeld is gedurende de eerste zes maanden gelijk aan het laatstgenoten salaris en bedraagt gedurende de volgende drie maanden 80%, gedurende de daaropvolgende twee jaren 75% en vervolgens 70% van het salaris. (...)”
gesproken over de vraag van [appellant]om eerst een gesprek te voeren. Daan adviseert dat ik [appellant] eerst bel om te vragen of hij echt naar de bedragen wil gaan die wij noemen. Anders heeft een gesprek volgens Daan geen zin. Overigens kan een gesprek natuurlijk nog totdat de kantonrechter uitspraak heeft gedaan. Ik stel voor dat ik [appellant] morgen bel, ben je daarmee akkoord?”